Ghislain Droesbeke: “Van zodra het mag, weer op reis met de auto!”

interview: Stephan De Prez

Stel jezelf eens voor, Gislain.

Ik ben Droesbeke Ghislain, geboren op 18 mei 1935. Zodoende ben ik 85 jaar. Ik heb heel mijn leven in de luciferfabriek gewerkt. Nu ben ik op mijn pensioen.

Op welke leeftijd ben je dan met pensioen gegaan?

Ik heb geluk gehad: na 40 jaar werken, dus op mijn 55.

Dus jij bent beginnen werken op je 15de? Dat kunnen wij ons niet meer voorstellen.

Jaja, ze vroegen kloeke, sterke jongens van 14 à 15 jaar. Ik heb nog tot 5u30 hier recht over in de allumette fabriek gewerkt , waar nu de sporthal is.

Sinds wanneer ben je naar de Maretak gekomen?

We waren al 4,5 jaar opgeschreven, maar plots kon mijn vrouw ziek geworden. Ze kon geen trappen meer doen. Ik heb direct beslist om op appartement te gaan; in de Gentsestraat, plat gelijkvloers. Na 6 maand is het grote appartement hier vrijgekomen en dat was in 2017. We zitten hier dus drie jaar.

Welke verwachtingen had je toen we naar hier kwamen?

We hadden goede verwachtingen, want wij kwamen met plezier. Het werd te moeilijk in ons huis, het was te groot. We hebben daar ooit met zes mensen gewoond. Ik kon dat nog een beetje onderhouden maar mijn vrouw niet meer. We waren blij om te verhuizen. Spijtig is mijn vrouw na 6 maand hier gestorven en ik heb gevraagd voor een kleintje, want wij zaten in de conciërgewoning – dat zijn 5 plaatsen hé. We zijn daar ingetrokken nadat Odette daar had gewoond. Maar de verwachtingen zijn  dus zeker ingelost want ik zou hier nooit meer willen weggaan. Had ik het geweten, ik had de stap vroeger gezet. Ik ben hier heel graag.

Wat ging er door u heen tijdens de eerste corona golf?

Eerst en vooral: de serviceflats moet je hier onderverdelen in 2 soorten. De mobiele en de immobiele. Ik kan niet veel spreken over de immobiele. Ik ben mobiel. Er is geen enkele dag dat ik niet ging wandelen. Ik was altijd in regel, masker op! Ik zeg nu wel eerlijk, het eerste wat ik dacht was dat de Chinezen iets hadden gemaakt in een labo en dat het ontsnapt was. Er waren er veel hier die dat zeiden.

Nu, wij hebben de oorlog meegemaakt. Wij weten wat het is, een avondklok. Toen om 8 uur. Je kwam binnen en je bleef binnen. Ik was dat gewend als kind. Ik ben ook bij het leger geweest, ik weet wat het is gecommandeerd te worden.

Ja, en die mobiliteit is natuurlijk belangrijk hé. Gaan wandelen is belangrijk.

Ik ben deze week naar Aalst moeten gaan voor mijn aderen; ze zijn in orde. Soms slaat mijn hart over, maar dat is geen erg. Ik kan daar 100 mee worden. Maar ik zeg ‘s morgens vroeg: 15 keer doe ik de gangen hier. Na mijn eten en ik heb me gewassen en alles is aan de kant, dan ga ik naar het stad langs de Dender tot aan de brug, tot op het statieplein en terug. En ook ‘s middags wandel ik nog vaak.

Alleen: de kinderen en kleinkinderen mochten niet meer komen. Maar mijn dochter kwam twee keer in de week met eten en was. Ik mag blij zijn met zo’n dochter. Ik heb er dus niet veel van geweten. Ik heb mijn laptop. Ik heb gebeld met mijn kleinzoon en achterkleinkinderen. Straks komen ze met taart van Steenhuize!

En de tweede golf, ervaar je die anders hier binnen de muren van de Maretak?

We hebben hier een goede leiding; Isabel, Stephanie en Christine, … Die mensen zijn echt bezorgd om ons. Als ze iemand zien zonder masker… En ik begrijp dat! Er zijn er zoveel met corona, maar bij ons nog niet. Een sterke leiding is noodzakelijk. Sommige mensen denken: dat is reclameren. Nee, ze vragen dat net om goed te doen.

Ken je mensen die last hebben van eenzaamheid?

Ja, dat zijn  dus de immobiele mensen. Die hebben mindere momenten, zien er meer van af dat hun familie niet meer binnen mag. We hebben hier bijvoorbeeld Nelly, Nelly is naar Ronse gegaan en zo kan haar kleinzoon op 5 minuten bij zijn grootmoeder zijn.

Wat ik wel denk, ook al ben ik geen dokter: veel mensen hebben het begin van dementie. En door alleen te zijn, dat doet daar geen goed aan. Dat ondervind ik als ik tegen mensen spreek. Op de derde verdieping is er een vrouw die ook nog in de fabriek heeft gewerkt. In de eerste golf was ze goed, daarna was ze verward. Ze vroeg voortdurend wanneer ze de papierophaling kwamen doen. En nu zit ze in de Populier. Wellicht voorgoed. We zullen zien hoe het evolueert.

Wat denk jij dat de overheid beter had kunnen doen?

Rapper zijn. En zoals nu, de mensen niet meer op reis laten gaan. De grenzen zijn nog open. Ik heb het deze morgen nog gezegd: moest ik premier zijn, ik zou wie terugkomt met corona, zelf laten betalen in het ziekenhuis. Als je ziet: er zijn er lichtzinnig geweest in Antwerpen, Brussel en Gent; met honderden bijeen, allemaal stommiteiten. En we weten ook dat het begonnen is met de skivakanties. Laat ze het dan maar zelf betalen. We krijgen nu allemaal de rekening gepresenteerd.

Welke raad zou jij andere seniore meegeven vanuit uw ervaring?

Als je kan, neem het een beetje optimistisch op. Wees niet pessimistisch, want anders geraak je in de put. Er zijn mensen die heel de dag klagen en dan heb je mensen… zeg eens, wie is hier honderd procent gezond? We zijn allemaal oud. Als we allemaal alle dagen moeten klagen over wat niet meer zo goed loopt… Allez; mijn rug is nu kapot, ja ik neem pijnstillers. Moet ik daar de hele dag over jengelen? Ik ben blij dat ik nog leef. Wat schiet ik er mee op om pessimistisch te zijn? En ‘t is niet dat je ervan geneest hé. Ik kom al lachend bij de dokter binnen en ik ga al lachend buiten. En als god het belieft ga ik met mijn nicht weer op reis hierna. En ik heb nog mijn auto. Da’s mijn vrijheid.